Wanneer duidelijkheid over betaald parkeren bij de Mall?

26 August 2026, 10:36 uur
Lokaal
mainImage
Ap de Heus
De overvolle parkeerplaats van de Mall. Foto Ap de Heus.

De fractie van Aandacht-LV wil van het college meer duidelijkheid over de mogelijke invoering van betaald parkeren bij Westfield Mall of the Netherlands. Raadslid Lieke Muller heeft hierover dertien schriftelijke vragen gesteld. Centraal staat de vraag hoe het verzoek van eigenaar Unibail-Rodamco-Westfield (URW) zich verhoudt tot bestaande afspraken met de gemeente.

URW diende op 23 december 2025 een verzoek in om betaald parkeren op het terrein van de Mall mogelijk te maken. Dat gebeurde twee weken nadat een meerderheid van de gemeenteraad had ingestemd met de eerste fase van vergunningparkeren in de omgeving. Aandacht-LV stemde tegen dat besluit en vindt dat omwonenden hierdoor met extra kosten worden geconfronteerd, terwijl zij al langere tijd parkeer- en verkeersoverlast ervaren.

Volgens de fractie is het inmiddels tijd dat het college inhoudelijk duidelijkheid geeft over het verzoek van URW. Eerder liet het college weten het verzoek nog niet inhoudelijk te hebben beoordeeld. Aandacht-LV vraagt nu welk standpunt het college inneemt en hoe het kijkt naar het moment waarop URW met het verzoek kwam.

Minimaal twee uur gratis parkeren
Een belangrijk onderdeel van de vragen betreft de Anterieure Overeenkomst die de gemeente en URW in 2014 sloten. Daarin staan afspraken over parkeerregulering bij het winkelcentrum.

Volgens artikel 25.1 kan URW na een bepaalde periode voorstellen om het parkeren te reguleren, maar moet het bedrijf tegenover de gemeente motiveren waarom dat nodig is en wat daarmee moet worden bereikt. Aandacht-LV wil daarom weten welke concrete parkeerproblemen URW met betaald parkeren wil oplossen en met welke cijfers en onderzoeken de noodzaak is onderbouwd.

Daarnaast staat in de overeenkomst dat URW andere vormen van parkeerregulering moet onderzoeken. De fractie vraagt of dit onderzoek daadwerkelijk is uitgevoerd en, zo ja, welke alternatieven zijn bekeken.

Opvallend is bovendien de afspraak dat er bij parkeerregulering in alle gevallen minimaal twee uur vrij parkeren moet blijven. Aandacht-LV vraagt het college expliciet te bevestigen dat het niet zal instemmen met een regeling waarbij bezoekers niet ten minste twee uur gratis kunnen parkeren.

Parkeren werknemers in woonwijken
Ook het parkeren van personeel van de Mall wordt opnieuw ter discussie gesteld. In de overeenkomst uit 2014 is bepaald dat URW ervoor moet zorgen dat werknemers gebruik kunnen maken van de parkeervoorzieningen van het winkelcentrum en niet uitwijken naar omliggende woonwijken.

Aandacht-LV zegt echter van URW, ondernemers en omwonenden signalen te hebben ontvangen dat medewerkers wel degelijk veelvuldig in omliggende wijken parkeren. De fractie wil weten hoe URW de bestaande afspraken heeft uitgevoerd en gecontroleerd en of bekend is hoeveel werknemers hun auto in woonwijken neerzetten. Ook vraagt Muller of de gemeente zelf heeft gecontroleerd of URW zich aan deze afspraak houdt.

Dat onderwerp is extra actueel omdat de gemeenteraad in december 2025 instemde met gereguleerd parkeren in omliggende wijken. De invoering daarvan staat volgens de schriftelijke vragen gepland voor maart 2027.

Nieuwe overeenkomst met URW
Aandacht-LV richt zich ten slotte op de nieuwe samenwerkingsovereenkomst waarover gemeente en URW onderhandelen. Het college verwachtte eerder daar in het derde kwartaal van 2026 een besluit over te kunnen nemen. Het verzoek om betaald parkeren maakt volgens eerdere antwoorden van het college onderdeel uit van die nieuwe overeenkomst.

De fractie wil weten welke parkeerafspraken momenteel op de onderhandelingstafel liggen en of deze overeenkomen met de afspraken uit 2014. Ook vraagt Aandacht-LV het college te garanderen dat de nieuwe overeenkomst geen afbreuk doet aan bestaande bepalingen over onder meer gratis parkeren, alternatieve parkeermaatregelen en het parkeren van werknemers.

Als daarvan toch wordt afgeweken, wil de fractie dat de gemeenteraad hierover vóór ondertekening wordt geïnformeerd en de gelegenheid krijgt zich uit te spreken.