De begin augustus in Delft doodgeschoten crimineel Karel Pronk wordt gelinkt aan de dood van de Vlaardinger Mustafa Ates (50). De 48-jarige Delftenaar die in deze zaak in voorarrest zit, heeft na de dood van Pronk verklaringen afgelegd over diens betrokkenheid. Zelf zegt hij alleen te hebben geholpen met het schoonmaken en aankleden van het stoffelijk overschot van het slachtoffer.

Dat werd woensdag besproken tijdens een niet-inhoudelijke zitting voor de rechtbank in Den Haag. De verdachte is op verzoek van zijn advocaat Hajé Weinfelt vrijgelaten uit voorarrest.

Het stoffelijk overschot van het slachtoffer werd in juli 2017 gevonden op een parkeerplaats in Rijswijk. Hij is waarschijnlijk in een woning in Vlaardingen overleden en daarna verplaatst.

Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) stelt dat er twee doodsoorzaken mogelijk zijn, verwurging of een overdosis drugs. De verdachte zelf stelt dat Ates al dood was toen hij aankwam in de woning in Vlaardingen. Hij zou op verzoek van Pronk hebben meegeholpen zijn lichaam schoon te maken en aan te kleden, aldus zijn advocaat.

In het bewuste pand zat mogelijk een drugslab, dat zou zijn gerund door Pronk. Het Openbaar Ministerie (OM) kan niet bevestigen dat het een drugslab was, omdat de woning was schoongemaakt. Pronk wordt genoemd als degene die het huis liet schoonmaken.

Als de Delftenaar louter wordt veroordeeld voor het wegmaken van het lijk, zal de straf lager uitpakken dan zijn voorarrest, denkt de rechtbank. Hij blijft nog wel verdacht van betrokkenheid bij de dood van Ates.