Geef burgers met goede initiatieven ruimte om deze te realiseren. Zorg voor steun op maat. En investeer in constructieve samenwerking tussen initiatiefnemers onderling en met gemeenten. Dat waren de voornaamste conclusies van het symposium “De Burger neemt het initiatief” van de Rekenkamercommissie van Wassenaar, Voorschoten, Oegstgeest en Leidschendam-Voorburg op 31 mei 2018 in het Louwman Museum in Den Haag.

Initiatiefnemers, raadsleden, collegeleden, ambtenaren en vertegenwoordigers van onder andere ministerie BZK, VNG, Nationale Ombudsman, provincie Zuid-Holland en gemeentelijke Rekenkamers kwamen samen in het Louwman Museum om met elkaar te praten over burgerinitiatieven. Centrale vragen daarbij waren: hoe kunnen gemeenten initiatiefnemers zo goed mogelijk ondersteunen? Welke rol hebben raadsleden, wethouders en ambtenaren? En wat kunnen initiatiefnemers zelf doen om hun project succesvol te laten zijn. Joep Stassen trad op als gespreksleider.

Minister Ollongren gaf met een lezing een aftrap voor de onderlinge discussies. “We zijn als overheid nog onwennig rond initiatief uit de samenleving”, zei ze tegen de aanwezigen. “Er is behoefte aan meer zeggenschap. Aan zelf doen en meedoen. Burgers willen zelf bepalen hoe hun buurt er uit komt te zien. Er wordt wel gesproken van het terugleggen van eigenaarschap bij de bewoners. Wat overigens niet betekent: laat de boel maar op zijn beloop. Het betekent eerder: anders werken. Niet alles op het gemeentehuis uitdokteren.”

De minister wil eraan bijdragen dat obstakels worden weggenomen. “Je hoort vaak dat zodra mensen zelf initiatieven nemen, ze vastlopen op een wirwar aan regels en criteria voordat ze een klein beetje subsidie krijgen. “We willen dit doen, maar het mag niet van die, die en die.” De houding van gemeenten is vaak te snel “nee, het kan niet.” Idealiter zeggen gemeenten: “Interessant initiatief, we gaan samen kijken hoe we dat van de grond kunnen trekken.”

Ook Jan van Zanen, voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, sprak de zaal toe. Ditmaal niet achter het spreekgestoelte, maar zittend vanaf de rand van het podium. “Burgerinitiatief is een trend, en het is goed dat daar steeds meer aandacht voor is”, aldus Van Zanen. “Als gemeenten moeten we deze trend stimuleren door het nóg laagdrempeliger te maken voor mensen om een initiatief te starten en daar steun voor te krijgen.”