Bijna 50 jaar geleden verscheen Dikkie Dik voor het eerst op het tv-scherm in Sesamstraat. De oranje kater groeide uit van televisiekat tot een van de bekendste kinderboekenpersonages van ons land. Jet Boeke, illustrator, schrijver en de geestelijk moeder van deze ‘literaire peuterheld’, heeft onlangs haar archief aan het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum overgedragen. De collectie omvat onder meer ruim duizend tekeningen, fragmenten van scripts, notitieboekjes en verfbakjes. Een selectie originele tekeningen en aquarellen is vanaf vandaag tot en met februari 2027 te zien in de tentoonstelling 'In Beeld: Jet Boeke'.
Dikkie Dik heeft echt bestaan, maar Jet Boeke kon in de jaren '70 niet voorzien dat het beestje zo’n tijdloos icoon zou worden. De echte kater was in werkelijkheid wit, maar op televisie werkte dit niet goed. De keuze viel vervolgens op de zo kenmerkende oranje kleur. Boeke was niet opgeleid als illustrator en in de meer dan duizend tekeningen die het Haagse museum ontving, is goed te zien hoe zij zich door de jaren heen heeft ontwikkeld. Dikkie Dik is langzaam van uiterlijk veranderd. Lijnen worden losser, vormen eenvoudiger en zijn amandelvormige ogen worden rond.
Boeke maakte in Amerika kennis met Sesame Street en was onder de indruk van het kinderprogramma. Toen de Nederlandse variant verscheen, wilde ze hier animatiefilms voor maken. Dat voorstel werd afgewezen, maar een ander idee sloeg wel aan. "Het leek me ook heel leuk voor jonge kinderen om een prentenboek op televisie te zien, omdat veel kinderen niet worden voorgelezen", vertelt ze. In het snelle televisieformat dat daarna tot stand kwam, bestond elk verhaal uit zes tekeningen. Dit vormde vervolgens de blauwdruk voor alle Dikkie Dik-verhalen. In 1983 verscheen het eerste prentenboek en inmiddels zijn er miljoenen Dikkie Dik-boeken verkocht.