Tijdens een rondetafelgesprek deelde wethouder Philip van Veller (VVD) zijn mening om namens de M50 Middelgrote Gemeenten iets te mogen vertellen over de gemeentefinanciën. Samen met Peter Verheij, Maarten Allers, Saskia Bruines, Stephanie Onclin MSc, Marc Teutelink en Rob Duiven schetste hij hoe men er als gemeenten voor staan.
Mijn punten aan de Kamerleden:
1. Het gaat niet om gemeenten, maar om onze én uw inwoners. Dat zijn dezelfde mensen.
2. Middelgrote gemeenten zijn een afspiegeling van Nederland.
3. We moeten wendbaar zijn om in te spelen op snel wisselende ontwikkelingen, en weerbaar om taken aan te kunnen en te betalen. Beide kunnen beter.
4. Gemeenten hébben er geen geld bij gekregen. Er gaat geld af.
5. Gemeenten zelf hebben weinig handelingsperspectief om met tekorten om te gaan.
6. Omdat we vast zitten in landelijke regels omtrent taken namens het Rijk, kunnen we alleen bezuinigen op onze eigen eigen autonome ruimte. Vaak gaat het om leefbaarheid, voorzieningen, onderhoud. We beknibbelen en verschralen. Mensen zien en merken dat. ‘Samen één overheid’ is een vlag geworden waaronder het Rijk bezuinigingen afwentelt op de leefbaarheid dichtbij huis.
Wat te doen? Meer geld? Ja, liefst vrij besteedbaar. SPUK’s terugdraaien is bijvoorbeeld een heel goede ontwikkeling, althans als die middelen het Gemeentefonds in gaan. En als de middelen onvoldoende zijn, dan kijken naar taken. Gemeenten en het Rijk moeten zich (beter) voorbereiden op die takendiscussie als er geen middelen bijkomen. Geef de minister van BZK daarin een leidende en coördinerende rol ten opzichte van de vakministers.
Terugkijken kan via deze link