Schriftelijke vragen participatieverordening Leidschendam-Voorburg

28 August 2023, 15:47 uur
Lokaal
mainImage
PR

VVD-raadslid Laurens van der Linden heeft schriftelijke vragen aan het College gesteld over participatieverordening in Leidschendam-Voorburg

"Inwoners van de straten, wijken en buurten weten water er speelt in hun leefomgeving en wat hen raakt is belangrijk", aldus Van der Linden. "De afgelopen maanden is hard gewerkt aan de totstandkoming van een participatieverordening. In de voorbereiding voor het opstellen van de concept verordening zijn drie participatieavonden georganiseerd. Deze avonden boden de gelegenheid om met elkaar in gesprek te gaan ideeën en wensen voor de verordening te delen". 

De VVD Leidschendam-Voorburg heeft over de totstandkoming van de verordening een aantal verduidelijkende vragen.
Er is een drietal participatieavonden georganiseerd.

1. Wie zijn voor deze avonden uitgenodigd?

2. Wie hebben aan de avonden deelgenomen?

3. Op welke wijze zijn betrokkenen/genodigden bij deze avonden geselecteerd?

4. Aanwezigheid en samenstelling.
- Hoeveel inwoners, niet zijnde betrokken of actief bij de Burgerkrachtcentrale of
het Platform Lokale Democratie waren er aanwezig.
- Zijn er ook andere georganiseerde bewonersorganisaties (zoals wijkverenigingen)
actief uitgenodigd?

5. Op welke wijze is er rekening gehouden diversiteit is samenstelling van de groep?

De betrokkenheid van de Burgerkrachtcentrale en Platform Lokale Democratie tijdens deze avonden was aanzienlijk en viel op. De deelname en inbreng worden gewaardeerd. Ook hierover enkele verduidelijkende vragen.
1. Hoe ziet het college de rol van de beide organisaties?
2. Kan het college inzicht geven wie of wat de deze organisaties in z’n algemeenheid
vertegenwoordigen?
3. M.b.t. hun betrokkenheid bij het opstellen van de participatieverordening. Vertegenwoordigen zij bredere gemeenschapsbelangen, specifieke belangengroepen, specifieke inwoners(groepen) of zijn ze neutraal?

4. Wat was de rol van de Burgerkrachtcentrale en Platform Lokale Democratie bij de participatieavonden?
5. Wat was hun rol bij de planning van de avonden?
6. Welke specifieke rol of verantwoordelijkheid hadden de organisaties m.b.t de ontwikkeling van de participatieverordening?
7. Wat maakte de hen de meest betrokken partij voor dit proces?
8. Zijn er gedeelde belangen of expertise die hen geschikt maakten voor deze rol?
9. Wat waren de afwegingen hiervoor en op welke wijze is dit beoordeeld?
10. Op welke wijze is ieders inbreng zowel op als buiten de avonden gewogen bij de uiteindelijke totstandkoming van de concept verordening?