Naar aanleiding van de recente plofkraak op het Kon. Julianaplein in Voorburg en de daardoor ontstane maatschappelijke onrust heeft Voorburgs Dagblad aan burgemeester Martijn Vroom, verantwoordelijk voor de veiligheid, achttien vragen gesteld. Vanochtend is hiervan de beantwoording bij onze redactie binnen gekomen.
De plofkraak op een geldautomaat aan de Julianabaan heeft in Voorburg voor flinke maatschappelijke onrust gezorgd. Ondernemers en bewoners vragen zich af hoe veilig het winkelgebied nog is en of de aanwezigheid van meerdere geldautomaten op korte afstand van elkaar wel verstandig is. Burgemeester Martijn Vroom, verantwoordelijk voor openbare orde en veiligheid, erkent de impact van het incident, maar benadrukt tegelijkertijd dat dergelijke misdrijven nooit volledig zijn uit te sluiten.
Volgens Vroom moet allereerst worden vastgesteld dat het niet ging om een ramkraak, maar om een doelgerichte plofkraak op een geldautomaat. "Het heeft veel impact op de ondernemer, bewoners en de omgeving. Het zorgt voor overlast en kan gevoelens van onveiligheid oproepen. Dat betreuren wij uiteraard."
Geen aanwijzingen voor structureel veiligheidsprobleem
Hoewel de plofkraak veel reacties heeft losgemaakt, ziet de burgemeester vooralsnog geen aanwijzingen dat winkelcentrum Julianabaan een bijzonder veiligheidsrisico vormt. "Het winkelcentrum is normaal gesproken een veilige omgeving voor ondernemers, bewoners en bezoekers. Een plofkraak is een incident dat helaas overal kan plaatsvinden."
Hij wijst daarbij op vergelijkbare incidenten elders in Nederland, waaronder in Burgum, Drachten, Vlaardingen en Helmond. Volgens de burgemeester is het bovendien nog te vroeg om te spreken van een lokaal toenemend risico rond geldautomaten. "Er loopt nog een politieonderzoek. Op dit moment beschikken wij niet over gegevens waaruit blijkt dat er binnen onze gemeente sprake is van een bijzondere stijging." Wel erkent hij dat er landelijk sprake is van een toename van plofkraken.
Geldautomaat verdwenen
Direct na het incident lag de nadruk vooral op het herstellen van de schade en het veiligstellen van de omgeving. De getroffen geldautomaat is inmiddels verwijderd. "Een nieuwe plofkraak op die specifieke locatie is daardoor uitgesloten." Of aanvullende veiligheidsmaatregelen nodig zijn, hangt volgens de burgemeester af van de uitkomsten van het lopende politieonderzoek.
Discussie over meerdere geldautomaten
Een belangrijk punt van discussie is de aanwezigheid van meerdere geldautomaten op relatief korte afstand van elkaar rond de Julianabaan. Volgens Vroom heeft de gemeente hierin slechts beperkte invloed. "De plaatsing van geldautomaten is vooral een afweging van banken, Geldmaat, De Nederlandsche Bank en het Rijk. Gemeenten hebben daarin slechts een beperkte rol."
Alleen wanneer sprake is van een losstaande automaat die in de openbare ruimte wordt geplaatst, is een gemeentelijke vergunning noodzakelijk. De burgemeester laat weten dat de gemeente niet van plan is om zelf onderzoek te doen naar een andere spreiding van geldautomaten om criminaliteit te voorkomen. "Dat is tot nu toe niet onderzocht."
Geen signalen van grote onveiligheid Na het incident is contact geweest met de direct betrokken ondernemers. Onder meer de wethouder, centrummanager en een boa hebben gesprekken gevoerd met de eigenaar van de getroffen Bruna-vestiging en omliggende ondernemers. "Ondernemers vinden het vooral vervelend voor hun collega die direct getroffen is."
Volgens de burgemeester zijn er vooralsnog geen signalen dat ondernemers zich structureel onveilig voelen. Ook begrijpt hij niet direct de gedachte dat meerdere geldautomaten automatisch leiden tot meer risico's. "Er bestaan verschillende soorten geldautomaten. Sommige staan binnen winkels en zijn buiten openingstijden niet bereikbaar. Andere staan vrij of zijn in een gevel ingebouwd. Juist die laatste categorie blijkt de laatste tijd vaker doelwit te zijn."
Veiligheidsbeleid blijft voortdurend onderwerp van aandacht
Vroom benadrukt dat veiligheid voortdurend onderwerp van gesprek blijft binnen de gemeente. Incidenten zoals de plofkraak worden meegenomen in veiligheidsanalyses, wijkveiligheidsscans en het integrale veiligheidsbeleid.
Voor extra cameratoezicht of aanvullende maatregelen ziet hij op dit moment nog geen aanleiding. "Daarvoor is eerst gedegen onderzoek nodig. We moeten kunnen vaststellen of dergelijke maatregelen daadwerkelijk bijdragen aan het voorkomen van vergelijkbare incidenten."
Geen garanties
De burgemeester begrijpt dat inwoners zich na het incident zorgen kunnen maken over de veiligheid van hun woon- en winkelomgeving. Toch waarschuwt hij dat absolute garanties onmogelijk zijn. "Als gemeente streven wij naar een zo veilig mogelijke leefomgeving. Maar honderd procent veiligheid kan niemand garanderen."
Volgens Vroom blijft samenwerking daarbij essentieel. "Veiligheid realiseren we samen met inwoners, ondernemers, politie, boa's en maatschappelijke organisaties."
Eerst resultaten politieonderzoek afwachten
Op verschillende vragen over mogelijke lessen uit het incident, de rol van meerdere geldautomaten en eventuele beleidswijzigingen wil de burgemeester nog niet vooruitlopen. "Het politieonderzoek loopt nog. Daarom is het op dit moment te vroeg om conclusies te trekken."
Voorlopig richt de gemeente zich op herstel van de situatie, ondersteuning van de getroffen ondernemers en het afwachten van de onderzoeksresultaten. Ondertussen blijft de discussie over de veiligheid van geldautomaten, de inrichting van winkelcentra en de preventie van plofkraken onverminderd actueel. De gebeurtenissen op de Julianabaan hebben die discussie in Leidschendam-Voorburg opnieuw op scherp gezet.
Door: Bart Bakker