Wie in Leidschendam-Voorburg een woning wil kopen, betaalt daar nog altijd meer voor dan een jaar geleden. De prijs van bestaande koopwoningen ligt 2 procent hoger dan vorig jaar. Tegelijkertijd is duidelijk dat de stijging van de huizenprijzen flink aan het afzwakken is.
Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De jaarlijkse prijsstijging in Leidschendam-Voorburg bevindt zich inmiddels op het laagste niveau sinds 2023.
Daarmee lijkt er enige rust te komen op een woningmarkt die de afgelopen jaren werd gekenmerkt door forse prijsstijgingen. Dat woningen nog altijd duurder worden, betekent echter dat woningzoekenden die willen kopen opnieuw meer geld moeten meenemen dan een jaar geleden.
Het CBS bepaalt de ontwikkeling van de huizenprijzen niet simpelweg door alle verkoopbedragen bij elkaar op te tellen en daar een gemiddelde van te maken. Bij de berekening wordt rekening gehouden met verschillen tussen de verkochte woningen. Onder meer het woningtype, de grootte en de ouderdom spelen daarbij een rol.
Hierdoor moet worden voorkomen dat de cijfers worden vertekend wanneer er in een bepaalde periode bijvoorbeeld relatief veel grote en dure woningen worden verkocht. Het CBS publiceert op gemeentelijk niveau daarom de prijsontwikkeling ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder.
Voor Leidschendam-Voorburg komt die stijging nu uit op 2 procent. Hoewel kopers dus nog steeds met hogere prijzen worden geconfronteerd, is de snelheid waarmee woningen duurder worden duidelijk afgenomen.
Of deze ontwikkeling de komende maanden doorzet, zal moeten blijken uit nieuwe verkoopcijfers. Voor woningzoekenden blijft de betaalbaarheid ondertussen een belangrijk vraagstuk, zeker in een gemeente waar de vraag naar koopwoningen groot blijft.