De gemeente Leidschendam-Voorburg wordt geconfronteerd met een forse financiële tegenvaller. Uit de tweede tussentijdse rapportage over 2026 blijkt dat het voorlopige begrotingsresultaat 8,4 miljoen euro nadelig uitvalt. De gemeenteraad bespreekt de financiële ontwikkelingen op maandag 9 november.
De tegenvaller roept vragen op over de financiële positie van de gemeente en de gevolgen voor toekomstige investeringen en voorzieningen. Het gaat om een aanzienlijk bedrag dat aanleiding kan zijn om kritisch naar de gemeentelijke uitgaven en inkomsten te kijken.
De tweede tussentijdse rapportage geeft de gemeenteraad inzicht in de ontwikkeling van de begroting gedurende het lopende jaar. Daarbij worden afwijkingen ten opzichte van de oorspronkelijke financiële verwachtingen zichtbaar gemaakt.
Voorlopig resultaat
Het nadelige resultaat van 8,4 miljoen euro is voorlopig. Dat betekent dat de uiteindelijke financiële uitkomst over 2026 nog kan veranderen. Pas bij de definitieve jaarrekening wordt duidelijk hoe de gemeente het boekjaar daadwerkelijk heeft afgesloten.
Welke onderdelen van de begroting precies verantwoordelijk zijn voor de tegenvaller, moet blijken uit de verdere behandeling van de rapportage.
Ook is nog niet duidelijk in hoeverre de gemeente het nadelige resultaat kan opvangen binnen de bestaande financiële ruimte of dat aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn.
Gevolgen voor inwoners?
Voor inwoners en ondernemers in Voorburg, Leidschendam en Stompwijk is vooral van belang of de financiële ontwikkelingen gevolgen krijgen voor gemeentelijke voorzieningen, investeringen en lokale belastingen.
Gemeenten staan de komende jaren voor verschillende financiële uitdagingen. Tegelijkertijd blijven investeringen nodig in onder meer woningbouw, infrastructuur, openbare ruimte en maatschappelijke voorzieningen.
Een tegenvallend begrotingsresultaat betekent niet automatisch dat de gemeente direct moet bezuinigen. Wel kan het aanleiding zijn om bestaande plannen opnieuw tegen het licht te houden.
Gemeenteraad aan zet
Tijdens de raadsvergadering van maandag 9 november krijgen de politieke partijen de gelegenheid om de financiële ontwikkelingen te bespreken en het college hierover vragen te stellen.
Daarbij kan onder meer aan de orde komen hoe de tegenvaller is ontstaan, welke financiële risico's de gemeente nog verwacht en welke maatregelen eventueel nodig zijn.
De gemeenteraad heeft hierover nog geen definitief besluit genomen.
De komende behandeling moet meer duidelijkheid geven over de financiële gevolgen van het voorlopige tekort van 8,4 miljoen euro en de vraag welke ruimte Leidschendam-Voorburg de komende periode heeft om haar ambities te blijven realiseren.