Ruim zeven maanden na de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart heeft Leidschendam-Voorburg nog altijd geen nieuw college van burgemeester en wethouders. Terwijl de gemeente voor belangrijke beslissingen staat over woningbouw, verkeer, financiën en de toekomst van Vlietland, blijven de politieke partijen verwikkeld in moeizame onderhandelingen. De vraag dringt zich op hoe lang de inwoners nog moeten wachten voordat hun verkiezingsuitslag wordt vertaald in een nieuw gemeentebestuur.
De VVD, D66 en het CDA proberen momenteel gezamenlijk een coalitie te vormen. Met respectievelijk acht, zeven en vier zetels beschikken de partijen samen over een meerderheid van negentien van de 35 raadszetels. Op papier lijkt daarmee een stabiele basis aanwezig. In de praktijk blijkt het vormen van een nieuw gemeentebestuur aanzienlijk ingewikkelder.
Het is inmiddels de derde serieuze poging om tot een coalitie te komen. Eerdere onderhandelingen liepen vast op politieke meningsverschillen en onvoldoende draagvlak binnen de betrokken partijen. Vooral de toekomst van Vlietland blijkt een hardnekkig struikelblok.
Aanvankelijk probeerden VVD, D66 en GBLV overeenstemming te bereiken. Die gesprekken strandden op de plannen voor recreatiewoningen in Vlietland. Vervolgens kwam een samenwerking tussen VVD, GBLV en PRO in beeld. In augustus lag er zelfs een conceptakkoord, maar de leden van PRO wezen dat uiteindelijk af.
Sinds 27 september onderhandelen VVD, D66 en CDA onder begeleiding van formateur Arnoud Breedijk. Een maand later is nog altijd geen definitief akkoord gepresenteerd. De partijen hebben bovendien afgesproken voorlopig geen inhoudelijke mededelingen te doen over de voortgang.
Dat stilzwijgen roept vragen op. Natuurlijk hebben onderhandelaars ruimte nodig om compromissen te sluiten. Maar na zeven maanden politieke onzekerheid mogen inwoners ook verwachten dat hun volksvertegenwoordigers duidelijk maken waarom de vorming van een nieuw gemeentebestuur zo moeizaam verloopt.
De politieke partijen dragen immers niet alleen verantwoordelijkheid tegenover elkaar, maar vooral tegenover de inwoners die in maart hun stem hebben uitgebracht. Die kiezers hebben recht op een bestuur dat keuzes maakt, prioriteiten stelt en verantwoordelijkheid neemt voor de toekomst van de gemeente.
Ondertussen wachten belangrijke dossiers op politieke duidelijkheid. De woningbouwopgave blijft groot, de verkeersveiligheid staat in verschillende wijken ter discussie en ook de financiële ruimte van de gemeente vraagt om scherpe keuzes. Daarbij komt de discussie over Vlietland, die inmiddels een belangrijke rol heeft gespeeld bij het mislukken van eerdere coalitiepogingen.
Juist dat laatste dossier roept de vraag op of de partijen voldoende bereid zijn om politieke verschillen te overbruggen. Vlietland is onmiskenbaar een belangrijk onderwerp, maar een gemeentebestuur moet over veel meer overeenstemming bereiken dan uitsluitend de toekomst van één recreatiegebied.
Ook de democratische verhoudingen verdienen aandacht. Een coalitie van VVD, D66 en CDA heeft met negentien zetels een meerderheid, maar beschikt slechts over twee zetels meer dan de minimaal benodigde zeventien. Dat vraagt om zorgvuldige samenwerking, niet alleen tussen de coalitiepartijen, maar ook met de overige fracties in de gemeenteraad.
De langdurige formatie kan bovendien gevolgen hebben voor het vertrouwen van inwoners in de lokale politiek. Wanneer onderhandelingen zich maandenlang achter gesloten deuren afspelen, ontstaat gemakkelijk het beeld dat politieke belangen en onderlinge verhoudingen belangrijker zijn geworden dan het besturen van de gemeente.
Dat beeld hoeft niet overeen te komen met de werkelijkheid. Het is goed mogelijk dat de betrokken partijen intensief werken aan een inhoudelijk stevig akkoord. Maar zolang zij nauwelijks informatie verstrekken over de voortgang, blijft onduidelijk welke obstakels nog moeten worden overwonnen.
Formateur Breedijk staat daarmee voor een belangrijke opdracht. Niet alleen moet hij de drie partijen tot overeenstemming brengen, ook moet worden voorkomen dat een eventueel coalitieakkoord direct onder druk komt te staan door onopgeloste tegenstellingen.
De VVD, D66 en het CDA hebben inmiddels voldoende tijd gehad om elkaars standpunten te leren kennen. Van hen mag worden verwacht dat zij op afzienbare termijn duidelijkheid geven over de haalbaarheid van hun samenwerking.
Mocht ook deze derde poging mislukken, dan wordt de politieke situatie nog ingewikkelder. Nieuwe onderhandelingen met andere partijen zouden opnieuw tijd kosten, terwijl de behoefte aan bestuurlijke duidelijkheid alleen maar groter wordt. Het formeren van een coalitie kost de gemeenschap inmiddels tienduizenden euro's belastinggeld, want de vorige formateurs hebben hun facturen allang verstuurd.
Omroep West meldde banochtend overigens dat Leidschendam-Voorburg over een week het record breekt van de gemeente die er in het Nederland na de afgelopen verkiezingen het langste over doet om een formatie te vormen.