De afnemende acceptatie van homoseksualiteit onder scholieren baart acht politieke fracties in Leidschendam-Voorburg zorgen. Raadsleden van onder meer CDA, VVD, D66, Volt, SP en Partij voor de Dieren hebben het college hierover schriftelijke vragen gesteld. Zij willen weten hoe de gemeente omgaat met deze ontwikkeling en welke maatregelen worden genomen om de veiligheid en acceptatie van lhbtiq+-jongeren te bevorderen.
Aanleiding voor de vragen zijn signalen dat de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren onder druk staat. De raadsleden willen voorkomen dat leerlingen zich op school of daarbuiten onveilig voelen vanwege hun seksuele gerichtheid. Daarbij gaat het niet alleen om discriminatie en pesten, maar ook om de vrijheid van jongeren om zichzelf te kunnen zijn.
De kwestie raakt zowel het onderwijs als het gemeentelijke jongeren- en veiligheidsbeleid. Scholen hebben een belangrijke verantwoordelijkheid bij het creëren van een veilige leeromgeving. Tegelijkertijd kan de gemeente een rol spelen door samenwerking met onderwijsinstellingen, jongerenorganisaties en maatschappelijke partners.
De acht fracties hebben hun vragen gezamenlijk ingediend. Naast CDA, VVD, D66, Volt, SP en Partij voor de Dieren gaat het om PRO Leidschendam-Voorburg en de fractie Paltansing. De vragen zijn op 22 september ingediend, naar aanleiding van het landelijke HBSC-onderzoek dat een dag eerder verscheen.
Uit dat onderzoek blijkt dat de acceptatie van homoseksualiteit onder middelbare scholieren tussen 2021 en 2025 sterk is afgenomen. Volgens landelijke cijfers staat nog 22 procent van de jongens en 51 procent van de meisjes positief tegenover homoseksualiteit. Deze cijfers hebben betrekking op Nederland als geheel en geven niet afzonderlijk de situatie in Leidschendam-Voorburg weer.
De raadsleden willen weten wat de landelijke ontwikkeling betekent voor jongeren in hun eigen gemeente. Daarbij staat de vraag centraal of er voldoende zicht is op hun veiligheid en welzijn en of het bestaande beleid voldoende aansluit bij de problemen waarmee zij mogelijk worden geconfronteerd.
Het college heeft de schriftelijke vragen inmiddels beantwoord. De beantwoording is op 16 oktober aan de gemeenteraad beschikbaar gesteld. Wethouder Astrid van Eekelen is verantwoordelijk voor dit onderwerp.
De discussie beperkt zich niet tot de gemeente. Ook landelijk wordt gesproken over de rol van scholen bij het tegengaan van discriminatie en pesten. Daarbij is onder meer aandacht voor leerlingeninitiatieven die bijdragen aan een veilige schoolomgeving, zoals Gender and Sexuality Alliances.
Voor de acht fracties is de dalende acceptatie aanleiding om het gemeentelijke beleid kritisch te bekijken. De centrale vraag is hoe Leidschendam-Voorburg ervoor kan zorgen dat jongeren zich op school, op straat en binnen verenigingen veilig voelen, ongeacht hun seksuele gerichtheid.