Soms zijn het juist de kleine gebeurtenissen die je aan het denken zetten. Niet omdat je meteen weet wat er is gebeurd, maar omdat je beseft wat er had kunnen gebeuren.
Ik had een afspraak met Nita Graafland. Raadslid in Pijnacker-Nootdorp, jurist, columnist en bestuurslid van branchevereniging Schoonmaken Is Een Vak. (SIEV). We zouden het tijdens de lunch hebben over de politiek, de media en een aantal projecten van SIEV. Een gewone afspraak, zoals ik die wel vaker heb.
Maar nog voordat we goed en wel aan tafel zaten, viel iets op. Nita stapte van haar fiets af en haar net gekochte T-shirt zat onder een enorme inktvlek. Geen spatje, geen vogelpoep, maar een forse blauwe explosie midden op haar borst. Alsof er iets met kracht tegen haar aan was gekomen.
Ze keek zichtbaar verbaasd. Ik ook.
Terwijl zij haar T-shirt verwisselde voor haar topje en we aan tafel gingen zitten, bleef die vraag hangen: wat was hier gebeurd? Was het een uit de hand gelopen kwajongensstreek? Een inktcapsule? Of had iemand doelbewust op haar geschoten met een luchtdrukwapen of een ander voorwerp?
Dat laatste klinkt misschien als een spannende thriller, maar het is wel precies waarom dit soort incidenten serieus genomen moeten worden. Zeker wanneer het iemand betreft die een publieke functie vervult. Raadsleden krijgen de laatste jaren steeds vaker te maken met intimidatie, bedreigingen en agressie. De stap van schelden op sociale media naar fysiek gedrag lijkt soms kleiner te worden.
Nita besloot direct de politie en burgemeester Björn Lugthart van Pijnacker-Nootdorp te informeren. Terecht. Er is een melding gemaakt en de burgemeester gaf aan de zaak serieus op te pakken.
Toch bleef bij mij een ongemakkelijk gevoel achter.
We lijken soms gewend te raken aan incidenten die we tien jaar geleden onacceptabel zouden hebben gevonden. "Ach, het zal wel een geintje zijn." Maar wat als het geen geintje was? Wat als het projectiel een paar centimeter hoger was terechtgekomen? Een oog, een keel of een slaap zijn een stuk kwetsbaarder dan een T-shirt.
Ik beweer niet dat iemand ditmaal doelbewust op een raadslid heeft geschoten. Daar is geen bewijs voor. Maar juist daarom moet je onderzoeken wat er wél is gebeurd. Wegkijken omdat iets misschien toeval was, is geen oplossing.
Op het moment dat AZC-manager Tanja van het AZC in Voorburg in Voorburgs Dagblad met mij medewerking een column kreeg, werd op social media gesehreven dat we beiden maar een kogelvrij vest moesten bestellen.
Het tekent misschien wel Nita's karakter dat ze zich na een paar minuten weer volledig richtte op ons gesprek. Ze baalde stevig van haar vernielde T-shirt, bestelde haar lunch en sprak met dezelfde bevlogenheid over de onderwerpen die haar bezighouden. Maar terwijl het gesprek verderging, bleef die blauwe inktvlek ook in mijn gedachten hangen.
Sommige vlekken krijg je uit een T-shirt. Andere blijven nog wel even in je hoofd zitten.