Zo’n 60 procent van de volwassen Zuid-Hollanders met ouder(s) heeft het afscheid van hun ouder(s) nog niet met hen besproken. De meest genoemde reden hiervoor is dat ze wachten tot hun dierbare er zelf over begint. Dit blijkt uit onderzoek van NL-Eyes in opdracht van Monuta onder 194 Zuid-Hollanders. Volgens rouwdeskundige Leoniek van der Maarel vermijden ouders en kinderen het gesprek over de dood omdat ze elkaar in bescherming nemen en niet willen belasten met verdrietige zaken zoals de dood.

Bijna de helft van de Zuid-Hollanders vindt het lastig om hun afscheid te bespreken met dierbaren. Als ze dit nog niet hebben gedaan is de meest genoemde reden dat ze wachten tot het overlijden onvermijdelijk is. Vaak komt een overlijden onverwacht. Er is dan weinig tijd en aandacht meer om na te denken over het regelwerk dat bij een afscheid komt kijken. Wanneer uitvaartvaartwensen nog niet zijn besproken, kan de uitvaartverzorger samen met de nabestaanden toch in een korte tijd een persoonlijk afscheid vormgeven.

Rol van de kinderen
Van de respondenten die het afscheid bespreekbaar hebben gemaakt heeft 84 procent de partner op de hoogte gebracht. Slechts 40 procent van de kinderen blijkt op de hoogte te zijn over het afscheid van hun ouder. Toch zijn het ook de kinderen die uiteindelijk een deel van een afscheid zullen regelen of een van de ouders bijstaan. Het is dan goed om te weten wat er moet gebeuren zodat zij weten wat ze moeten doen als een ouder onverwacht overlijdt.

“Kinderen vinden het lastig om met hun ouders over de dood te praten. Enerzijds komt dit doordat kinderen niet na willen denken over het verlies van een ouder. Anderzijds kunnen kinderen bang zijn dat ouders denken dat ze zitten te wachten op hun overlijden of hen oud vinden en dus bijna dood. Ouders willen hun kinderen niet belasten met verdrietige zaken zoals hun overlijden. Daarom spreken we hier over de wet van de dubbele bescherming: ouders beschermen hun kinderen en kinderen beschermen hun ouders. En als ze erover praten betekent het dat ze moeten accepteren dat ze dood zullen gaan. Extra lastig om het te bespreken is dat volwassenen niet meer dagelijks bij hun ouders zijn, een bezoek moet dan vooral leuk zijn en niet over moeilijke dingen gaan,” zegt rouwdeskundige Leoniek van der Maarel.

Uitstelgedrag 65-plussers
Wat ook opvalt in het onderzoek is dat nog zeker een derde van de 65-plussers, ongeveer bijna 218 duizend mensen in Zuid-Holland (1), hun afscheid nog niet met dierbaren hebben besproken. 65-plussers noemen als belangrijkste reden dat ze hun toekomstige afscheid pas willen bespreken als blijkt dat overlijden onvermijdelijk is geworden. Op twee staat het niet kunnen vinden van een geschikt moment en op drie het niet willen belasten van dierbaren. Er zijn verschillende manieren om de uitvaart dan toch bespreekbaar te maken. Dit kan door herinneringen met elkaar te delen of juist door samen een bucketlist op te stellen.

“Dat een opvallend groot deel van de 65-plussers nog steeds uitstelgedrag vertoont is niet verbazend. Bij hen speelt meer dan bij jongere mensen het gevoel dat ze op ieder moment kunnen gaan. Ze willen hun kinderen en dierbaren niet verdrietig maken en liever wachten met het bespreken van hun afscheid tot het overlijden onvermijdelijk is geworden. Maar wanneer is dat? Op het sterfbed, bij ziekte, op een specifieke leeftijd? Het geschikte moment om het te bespreken zal vooral door de persoon zelf gecreëerd moeten worden. En dat is heel moeilijk als ze nog niet kunnen accepteren dat ook zij dood zullen gaan. Als een dierbare er echt niet over wilt praten, laat hem of haar het dan opschrijven en vertellen waar het ligt. Zo zijn nabestaanden voorbereid mocht het overlijden onverwacht gebeuren,” zegt Van der Maarel.