Met de aankomst van het zeeschip Ocean Pearl, geladen met 52 miljoen kg strooizout, is de zoutvoorraad in Nederland weer aangevuld en Rijkswaterstaat voorbereid op winterse omstandigheden. Bij noodweer kan er worden gereden met 900 wagens, 1200 mensen en ruim 200 miljoen kg zout. In het winterseizoen 2017-2018 strooiden we in totaal zo’n 90 miljoen kg zout.

Voor Rijkswaterstaat loopt het gladheidsseizoen van 1 oktober tot 1 mei. In het winterseizoen wordt continu de temperatuur, de vochtigheid en het zoutgehalte van het wegdek gemeten. Als gladheid wordt verwacht, wordt er preventief gestrooid. Het zout zorgt ervoor dat het vriespunt van een vochtig wegdek met enkele graden daalt en sneeuw smelt. Daarmee wordt gladheid voorkomen.

Bij het preventief strooien in het hele land worden in totaal 1200 personen ingezet; van gladheidscoördinatoren, laders en lossers tot de chauffeurs op de wagens. Zij komen naar een van de 56 steunpunten om de 546 strooiers en eventueel 350 schuivers te monteren, zout te laden en de weg op te gaan voor hun vaste strooi- en ploegroutes.

Daarnaast heeft Rijkswaterstaat nog 4 calamiteitenmachines om in te zetten: 2 Firestorms, 1 Lavastorm en 1 filesproeier. Deze machines kunnen specifiek ingezet worden om ijsplaten op de weg te bestrijden. Per landelijke strooiactie gaat er ongeveer 1,2 miljoen kg zout doorheen. De afspraak is dat de laatste korrel zout van de route binnen 2 uur na oproep op de weg ligt. Binnen die tijd kunnen onze strooiwagens indien nodig 10.000 km afleggen. Dit is ongeveer gelijk aan de afstand Amsterdam – Kaapstad.