De directeur van de Petrusschool heeft een mail naar de ouders gestuurd met daarin de mededeling dat er een man rondloopt die kinderen aanspreekt met de vraag om met hem mee te gaan.

Leerkrachten van de Petrusschool in Rijswijk gaan dit in de klas bespreken met de kinderen. De ouders wordt ook gevraagd om met de kinderen te bespreken hoe zij hiermee om moeten gaan.

De politie is op de hoogte.

Hieronder leest u de mail van de directeur van de Petrusschool.

Beste ouders/verzorgers,

Vanuit diverse ouders ben ik vanochtend geïnformeerd dat er een man in de wijk rondloopt die kinderen aanspreekt. Hij vraagt ook of ze met hem meegaan.

Wij hebben het team geïnformeerd. Zij zullen bespreken met uw kind hoe zij om moeten gaan met een vreemd iemand die hen aanspreekt en vraagt om mee te gaan. Wilt u hier thuis ook aandacht aan besteden? Laten wij proberen met elkaar hier preventief iets aan te doen.

Enkele concrete regels die u met uw kind kunt bespreken:

Het beste is je kind een aantal concrete regels te geven, die je ophangt aan situaties die hij of zij goed kan herkennen. De belangrijkste regel is dat je je kind leert om het altijd éérst aan papa of mama te zeggen als je ergens alleen naartoe gaat. Als papa of mama niet in de buurt is om het te vragen, dan mag je gewoon niet meegaan. Pech gehad, volgende keer beter.

Oefen in ieder geval de volgende standaard-situaties met uw kind:

  1. Iemand biedt iets te eten of te drinken aan wat je lekker vindt.

Les: je mag nooit iets van iemand aannemen, ook al ziet het er nóg zo lekker uit, en ook al heb je nóg zo’n trek of dorst. Dus: geen snoepjes aannemen van vreemden (maar ook geen chips, cola, poffertjes, enzovoorts.) 2. Iemand vraagt om hulp, bijvoorbeeld omdat hij iets heeft laten vallen, of omdat hij de weg niet weet, en vraagt het kind om mee te gaan naar een andere plek waar de gevraagde hulp geboden moet worden.

Les: help nooit iemand als dat betekent dat je ergens anders met deze meneer of mevrouw naartoe moet, zonder dat papa of mama dat weten.

  1. Iemand vertelt je kind dat er met mama of papa iets ergs of iets bijzonders is gebeurd (ze moesten weg naar het ziekenhuis of zoiets) en nu moet die vreemde meneer of mevrouw het kind halen om het naar papa of mama te brengen.

Les: alleen papa of mama (of oma en de oppas) komen jou ophalen. Als het iemand anders is (oom Jan, de buurvrouw, of wie dan ook), dan moet die eerst het wachtwoord zeggen. Laat het kind zelf het wachtwoord bedenken en herhaal dat in oefen-spelletjes. Een leuk spelletje is bijvoorbeeld om op de kamerdeur van je kind te kloppen en alleen naar binnen te mogen als je eerst het wachtwoord zegt.

  1. Iemand vraagt of je kind het leuk vindt om te komen kijken naar een nest met jonge dieren (poesjes, konijntjes, puppy’s, etc.)

Les: ga nooit met iemand mee die aardig tegen je doet, ook al wil je het nog zo graag. Vraag het altijd eerst aan papa of mama. Is die er niet? Dan heb je pech gehad. Volgende keer beter.

  1. Iemand heeft een belangrijk uniform aan (politie, brandweerman, beveiligingsbeambte, etc.) en vertelt het kind dat er een belangrijke reden is om met hem mee te gaan.

Les: als die meneer of mevrouw een échte brandweerman of een échte politie-agent is, dat vindt die het niet erg als je het eerst even tegen papa of mama zegt dat je meegaat. Sterker nog: van de burgemeester móeten deze mensen altijd eerst toestemming vragen aan papa of mama, want anders mogen ze helemaal geen kinderen meenemen.

Bron: https://www.ouders.nl/artikelen/weerbaar-maken-tegen-kinderlokkers

Alvast bedankt voor uw medewerking.

Reageer op dit artikel

Elke avond het laatste nieuws uit Voorburg? Gratis abonneren!